Tasmania

 

Na een klein weekje met Ineke in Melbourne, waarin we regelmatig hebben gefietst, zo ook Ien met Marloes en Ien op haar eentje (kende na enkele dagen Melbourne al aardig op haar duimpje) was het tijd voor 6 dagen Tasmanië. Gevlogen op Hobart en daar ’s middags een Winnebago (Mercedesbus annex je kent ze wel enorme camper met ook zo’n bed boven de cabine) camper afgehaald en neergezet aan een mooi strand halverwege Hobart en Kingston. Hoewel een schip op de weg, enorm breed en windgevoelig en met maximum van 100 km/u bleek dat een goed idee gezien de kinderen: altijd kunnen rijden, stoppen, eten en slapen, geen hotels moeten zoeken met louter slaapzalen, etc.. En dus veel tijd voor andere zaken. De grillige zuidkust, met ook een enorme baai en uitzicht op Bruny island is grillig, en wisselt beboste kliffen af met prachtige zandstranden in baaien, met daartussen regelmatig met bungalows bezaaide heuvels en links uitzicht op het historische havenstadje Hobart. Volgende dag maakten we een stopover in Brighton (how original) om in een wildlifeparkje de kinderen in een klap met kangaroes, kakatoes, wombats en koala’s te laten kennismaken, en tevens met de (door een besmettelijke kankervorm bedreigde) Tasmaanse Duiveltjes. Een zeer informatieve toer gehad die uiterst leerzaam bleek, maar het bleek vooral ontzettend koud, maar net boven nul en een snijdende wind; niet echt wat we verwacht hadden.

Gauw rijden naar Nationaal Park Mt Field, waar we de camper stalden op een nauwelijks bevolkte camping aan het begin van de bossen en heuvels en beek. Bij schemering zat je letterlijk meteen tussen de wallabies (kleine kangeroe) en padimelons (de kleinste kangaroes, zo groot als Jonathan) en possums. Volgende dag een prachtige wandeling gemaakt met Jonathan in de rugdrager door de bossen naar Russell Falls, nog een andere waterval en kilometers bos. De dampige, bemoste wouden doorspekt met palmvariëteiten en varenbomen confronteren je meteen met de meest uiteenlopende schakeringen van de kleur groen, na enkele kilometers gevolgd door enorme swamp gums (eucalyptus) van rond de negentig meter (da’s een flatgebouw van 30 verdiepingen!) tijdens de Tall Trees Walk. Na zo’n 5 km huiswaarts gekeerd, maar Sasha heeft het hele stuk gelopen en geklauterd!

Dat was het dan wel voor de kinderen die dag qua lopen, rest van de dag wederom takken zoeken voor een kampvuurtje (die kinderen sprokkelen als de besten) en stoken op een vuurplaats waar de houtblokken al klaar lagen. Sasha vond het zo geweldig dat hij pas later de blaren op zijn vingers toonde, gaf geen krimp. Aldaar gegeten met zijn allen en de hele avond zitten drinken en kletsen met een Australisch stel en hun vervelende zoontje. Zoals velen hadden ze een jaar sabbatical genomen (kind oud genoeg) om heel Australië rond te reizen.

Volgende dag de poging om met de camper de 16 km gravelroad richting de bergmeren te beklimmen na 20 meter gestaakt omdat Winnebago te zwaarlijvig bleek…bummer! Dus omdraaien maar en even later lunchen in een piepklein dorpje met winkeltje annex postkantoor en daartegenover een superschattig koffiehuisje,the Platypus Tarn, met geweldige cappucino’s met latte art en zelfgemaakt fantastisch gebak. Zitten in tuintje met zandbak aan de Derwent River, volgens de mensen zaten er inderdaad vogelbekdieren, maar om ze te zien zouden we lucky moeten zijn. Ja dus, Ineke spot er één, die we allen zien zwemmen en prijzen ons gelukkig! Nog allen plassen in het schuurtje en daarna doorrijden naar Lake St. Clair, midden Tasmanië aan de onderkant van het slechts te belopen centrale berggebied, en eindpunt van de beruchte Overland Track, 5 a 6 dagen bushwalken. Fraaie rit door laag en veel hoogland gemaakt, met geel-oranje velden en heuvels vol breem en meren, maar de regen ging over in gutsen, de temperatuur daalde tot richting vriespunt en de wind zwelde aan tot hurricane-kracht. Achteraf bleken het de zwaarste winden die Tasmanië ooit hadden geteisterd: daken beschadigd, paar doden door takken en omgewaaide muren, 40.000 mensen zonder stroom, golven van 17 meter hoog; leve de camper! Zelfs een kleine wandeling bleek niet mogelijk, de ferry op het meer was bijkans op de klippen geslagen en we mochten nog net de camper stallen (niet ongegronde angst dat takken uit de bomen vallen). Die bleef echter goed staan ’s nachts, maar na een toch prachtig uitzicht over een mistig meer en bergen op de achtergrond ’s ochtends was het zaak snel uit deze streken af te reizen, aangezien het hier al weken regende zonder uitzicht op enige weersverandering. De bergen ronden zou dagen duren, het noordoosten bleek slechts bereikbaar, dus via een stukje midlands (zeer droge, vaak geërodeerde kale heuvels en graslanden) terug (er is geen andere weg) naar …. Hobart! Nu wilde we wel ons eerdere doel, nml Kingston halen, wat lukte: camper pal aan het strand, lucht opgeklaard, kinderen direct spelen en kastelen bouwen, twintig graden; geweldig! Ien heeft zelfs nog gezwommen met de kinderen in het koude water, hulde! De volgende dag zelfs nog een bushwalk track over de kliffen bossen gedaan; bleek echter snel afgesloten (de storm?) waarna Ien niet verder wilde en ongewild besloot een nog moeilijker weg naar diezelfde route te nemen. Het was vooral zeer droog bos op de klippen met daartussen al die afvallende bast van de stringy bark gums, maar het was fantastisch zonnig weer, en Sasha liep weer geweldig. Alleen stopte de route na zo’n 8 of 10 kilometer plotseling en zaten we in een soort villawijk waarbij het nog enkele km was tot de verbindingsweg. We zagen de bus op 50 meter afstand passeren, maar de chauffeusse zag ons zwaaien en stopte, om ons vervolgens gratis mee naar Kingston te nemen! Aahh, ons strand, wit wijntje halen, inktvisringetjes, ’s middags bijkomen op het strand, ’s avonds buiten nog lekker doortetteren in ons voortschrijdende Australische wijnonderzoek. De volgende dag hebben we nog een rit naar het verdere zuiden ondernomen, maar bij gebrek aan leukere plekken en na het legen en vullen van de watertanks op een deprimerende camping terug gekeerd naar Kingston Beach. Weer thuis!

Na het opruimen de volgende ochtend weer terug naar Hobart, de geweldige Salamanca markt bezocht voor een mooie hoed (Ien), sleutelhangers met Tasmaanse dieren (kinderen) en een fantastische snijplank van verschillende variëteiten aan Tasmaanse houtsoorten voor een vergulde Marloes.

Dagen bushwalken zat er niet in, maar we hebben gewandeld, redelijk rond kunnen rijden en hebben veel dieren kunnen zien en genoten van een echt mini-vakantiegevoel 

Bye!

Blijf op hoogte!

Wil je op de hoogte blijven van de belevenissen? Meld je aan voor de mailinglist

Eerdere reisverhalen

Reis blog, ook wel reis webblog genoemd, wordt mogelijk gemaakt door Around the Globe. "Ontmoetingsplek voor en door reizigers". Lees onze Disclaimer